Mogelijk gemaakt door:

Cacaoflavanolen verlagen mogelijk risico op atriumfibrilleren

24-03-2026

Atriumfibrilleren is de meest voorkomende hartritmestoornis. Het verhoogt het risico op een beroerte, hartfalen en overlijden. Preventieve strategieën richten zich onder meer op beïnvloedbare leefstijlfactoren, maar de rol van specifieke nutriënten blijft onduidelijk. Veelbelovende resultaten van een secundaire analyse van een klinische studie met duizenden deelnemers suggereren dat cacaoflavanolen het risico op atriumfibrilleren kunnen verlagen, vooral op de langere termijn.

Opzet COSMOS-studie 
De COSMOS-studie is een grootschalig, gerandomiseerd, dubbelblind, placebogecontroleerd onderzoek onder 21.422 relatief gezonde Amerikaanse volwassenen (vrouwen ≥65 jaar, mannen ≥60 jaar). De interventiegroep kreeg dagelijks 500 mg flavanolen, inclusief 80 mg epicatechine. De controlegroep kreeg een placebo. De belangrijkste bevinding van de COSMOS-studie was dat cacaoflavanolen het risico op overlijden aan de gevolgen van hart- en vaatziekten met 27% verminderde. 

In de secundaire analyse werden 18.188 deelnemers zonder bestaande hartritmestoornissen geïncludeerd en gedurende mediaan 5,5 jaar gevolgd. Nieuwe gevallen van atriumfibrilleren werden vastgesteld via halfjaarlijkse vragenlijsten, waarin deelnemers rapporteerden of een arts de diagnose had gesteld.

Verlaagd risico bij lagere follow-up 
Tijdens de totale follow-up ontwikkelde 5,7% van de deelnemers atriumfibrilleren. Gedurende de periode van de interventie (mediaan 3,5 jaar) was er geen significant verschil tussen de interventiegroep en de placebogroep. Over de volledige follow-upperiode was het risico op atriumfibrilleren echter lager in de interventiegroep dan in de placebogroep (HR 0,85; p=0,01). Dit verschil trad vooral op in de periode na de interventie (HR 0,75; p=0,009). Correctie voor mogelijke verstorende factoren, zoals leeftijd, geslacht, het hebben van een cardiovasculaire aandoening of gebruik van cholesterolverlagende medicatie, veranderde de uitkomsten niet.

Beperkingen en toekomstperspectief 
Suppletie met cacaoflavanolen liet geen effect zien tijdens de interventieperiode, maar wel een lager risico op atriumfibrilleren bij langere follow-up. De studie kent overigens wel enkele beperkingen. Atriumfibrilleren was geen vooraf vastgestelde uitkomstmaat en de gevallen van atriumfibrilleren waren gebaseerd op zelfrapportage. Daarnaast bestond de onderzoeksgroep uit relatief gezonde ouderen, wat de toepasbaarheid naar andere populaties beperkt. De bevindingen suggereren een veelbelovend effect van cacaoflavanolen op het ontstaan van atriumfibrilleren en vormen een waardevolle basis voor verder onderzoek.

Referentie 
Middeldorp ME et al. Cocoa flavanol supplementation and incident atrial fibrillation in the COSMOS trial. Eur J Prev Cardiol. 2025;32:1671-3.

Terug