Behandelprotocol bij laboratoriumuitslag vitamine D3-status (bloedtest)

04-11-2020

Algemene informatie
Een vitamine D-bloedtest meet doorgaans de bloedspiegel van 25-hydroxyvitamine D3 (calcidiol of ook wel 25(OH-D)). Vitamine D3 wordt in het lichaam opgeslagen als calcidiol en kan in diverse weefsels en organen naar behoefte worden omgezet in de biologisch actieve vorm 1,25-dihydroxyvitamine D3 (calcitriol). Om in de vitamine D-behoefte van het lichaam te voorzien is men afhankelijk van zonlicht. Slechts een klein deel van de benodigde vitamine D kan uit de voeding gehaald worden. In de praktijk blijkt een zeer groot aantal mensen een vitamine D-deficiëntie te hebben.

Belangrijke risicogroepen voor een vitamine D-tekort zijn baby's, kinderen, zwangere vrouwen en ouderen. Daarnaast hebben mensen met (ernstig) overgewicht, een donkere huidskleur, mensen die hun lichaam grotendeels bedekken, altijd zonnebrandmiddelen gebruiken of de meeste tijd binnenshuis doorbrengen ook een verhoogde kans op het ontwikkelen van een tekort. Tevens worden verschillende aandoeningen in verband gebracht met een te lage vitamine D-status, waaronder osteoporose, sarcopenie, auto-immuunziekten (diabetes type 1, multiple sclerose, reumatoïde artritis, inflammatoire darmziekten en psoriasis), metabool syndroom, hart- en vaatziekten, mentale aandoeningen en verschillende typen kanker. Ook bepaalde geneesmiddelen hebben een negatieve invloed op de vitamine D-status of vitamine D-werking waarvan anti-epileptica, corticosteroïden, cimetidine, cholesterolverlagers (zowel statines als galzuurbindende harsen), cyclosporine, laxeermiddelen, etidronaat, heparine en steroïdhormonen de belangrijkste zijn.

Testresultaten

Parameter

Optimale waarde

Interpretatie afwijkende waarde

Calcidiolspiegel

75 – 150 nmol/L

 

(NB. In de reguliere geneeskunde wordt vaak een ondergrens van 50 nmol/L aangehouden)

< 30 nmol/L ernstige vitamine D-deficiëntie

< 75 nmol/L vitamine D-deficiëntie

 

> 250 nmol/L kans op vitamine D-toxiciteit met hypercalcemie

Behandelplan
Doel van de behandeling is om de vitamine D-spiegel weer op peil te brengen en te houden. Vitamine D speelt in veel lichaamsprocessen een rol. In het algemeen blijkt dat een goede vitamine D-status gunstig is voor de levensverwachting en de kwaliteit van leven. Specifieker speelt vitamine D een rol in de botgezondheid, ondersteunt vitamine D het immuunsysteem en de barrièrefunctie van de darm en heeft het een gunstig effect op het hart, de bloedvaten en de stemming. Duur van de suppletie is afhankelijk van de tijd die men doorbrengt in de zon. Als men tussen april en oktober voldoende tijd buiten doorbrengt, dan is suppletie aan te bevelen gedurende de wintermaanden. Komt men tijdens de zomer onvoldoende buiten, dan is suppletie het gehele jaar door noodzakelijk.

Suppletieadvies
De vitamine D dosering die nodig is om een bloedspiegel van 75 nmol/L te bereiken, kan bepaald worden op basis van de volgende formule:

oplaaddosering vitamine D3 in i.e. = 40 x (75 – calcidiol concentratie in nmol/L) x lichaamsgewicht in kilogram

De oplaaddosering is de dosering die in totaal nodig is om tot een adequate vitamine D-spiegel te komen. Bij een dagelijkse dosis van bijvoorbeeld 3000 i.e. kan de uitkomst van bovenstaande formule gedeeld worden door 3000. Dit geeft dan het totale aantal dagen waarop de patiënt 3000 i.e. vitamine D3 moet gebruiken om op een vitamine D-spiegel van 75 nmol/L te komen. Na dit aantal dagen kan men dan overgaan op een onderhoudsdosering (zie onder). Deze formule kan alleen gebruikt worden voor volwassenen met een lichaamsgewicht <125kg. Voor mensen met morbide obesitas wordt geadviseerd 1,5 – 2 keer de dosis te gebruiken.

Ook kinderen met overgewicht hebben een hogere dosis vitamine D nodig om in hun behoefte te voorzien. De adviesdosering voor deze groep is 2 – 3 keer de ADH, mits deze dosering onder het veilige maximum blijft. Bij een tekort kan de dosering verhoogd worden tot maximaal 50 mcg per dag gedurende 6 weken. De veilige maxima zijn in Nederland vastgesteld op 25 mcg (1000 i.e.) per dag voor kinderen tot 1 jaar; 50 mcg (2000 i.e.) per dag voor kinderen tussen de 1 en 11 jaar en 100 mcg (4000 i.e.) per dag voor iedereen vanaf 11 jaar.

Nutriënt

Dagdosering

Opmerkingen

Vitamine D3 (cholecalciferol)

Oplaaddosering volgens bovenstaande formule

Kortdurende dosering >4000 i.e./dag kan op geleide van de bloedspiegel noodzakelijk zijn.

 

25 – 50 mcg/dag (1000 – 2000 i.e.) voor het behoud van een vitamine D-spiegel van 75 nmol/L

Algemene onderhoudsdosering (na oplaaddosering).

50 – 100 mcg/dag (2000 – 4000 i.e.) voor het behoud van een vitamine D-spiegel van 100 nmol/L

Een vitamine D-spiegel van 100 nmol/L wordt in verband gebracht met een verminderd risico op het ontstaan van verschillende typen kanker.


Naast suppletie met vitamine D kunnen er aanvullende nutriënten geadviseerd worden om de algehele voedingsstatus te verbeteren.

Aanvullende basissuppletie

Dagdosering

Belangrijkste effecten

Multivitamine-/mineralenpre-paraat, met biologisch actieve B-vitaminen

 

Het vitamine B-complex ondersteunt de energiestofwisseling.

Vitamine K2

90 – 180 mcg, 1 keer per dag (totale dosering inclusief K2 uit een multi)

Belangrijke synergetische werking met vitamine D3.

Ondersteunt zowel het behoud van sterke botten als het cardiovasculaire systeem.

Vitamine C

250 - 1000 mg 1 keer per dag.

Ondersteunt het immuunsysteem.

Helpt bloedvaten elastisch te houden.

Omega 3-vetzuren EPA/DHA

500 - 1000 mg EPA/DHA, 1 keer per dag liefst bij een vetbevattende maaltijd innemen.

Ondersteunen het immuunsysteem en de stabiliteit van het celmembraan.

Magnesium

100-300 mg

Belangrijke synergetische werking met vitamine D3.

Magnesium ondersteunt onder meer het behoud van sterke botten.

Calcium

200-500 mg (bij een verhoogde behoefte aan calcium)

Vitamine D3 bevordert de opname van calcium in de darm.

Calcium ondersteunt het behoud van sterke botten.

Leefstijl- en voedingsadviezen
Om in de vitamine D-behoefte van het lichaam te voorzien is het noodzakelijk om voldoende blootgesteld te worden aan UV-B stralen uit zonlicht. In Nederland kan het lichaam alleen vitamine D aanmaken tussen mei en oktober, mits de huid tussen 11 uur ’s ochtends en 3 uur ’s middags gedurende minimaal 15-30 minuten onbedekt blootgesteld wordt aan de zon. Verstandig gebruik van zonnebrandmiddelen is hierbij van belang, omdat intensief gebruik van deze crèmes de benodigde UV-B stralen blokkeren (uiteraard blijven zonnebrandmiddelen belangrijk ter bescherming tegen de schadelijke effecten van de zon). Het is vrijwel onmogelijk om voldoende vitamine D uit de voeding te halen, zelfs bij het gebruik van voedingsmiddelen die zijn verrijkt met vitamine D.

Aanvullende laboratoriumtesten
In sommige gevallen kan het zinvol zijn om nog andere laboratoriumtesten af te (laten) nemen, u kunt hierbij denken aan de volgende testen (deze lijst is uiteraard niet uitputtend):

  • Bepaling van het cardio-metabool profiel bij het vermoeden op metabole verstoringen en/of (ernstig) overgewicht.
  • Eventueel bij overgewicht ook de schildklierfunctie als het vermoeden bestaat op een te traag werkende schildklier.
  • Vitamine B12-status, met name bij ouderen, vegetariërs/veganisten of bij personen die medicatie gebruiken met een negatieve invloed op de B12-status.

Wanneer is een herbepaling zinvol?
Na het starten van vitamine D-suppletie stijgt de calcidiolspiegel geleidelijk en bereikt een ‘steady state’ na circa acht weken. Herbepaling is dan ook zinvol na een periode van 2 maanden consequent gebruik van een vitamine D-supplement. De suppletie hoeft voor de herbepaling niet gestaakt te worden.

Belangrijk
Deze informatie is bestemd voor beroepsbeoefenaren in de (complementaire) gezondheidszorg. Het is de verantwoordelijkheid van de therapeut om te zorgen voor een adequate behandeling op basis van analyseresultaten, te controleren op mogelijke interacties met geneesmiddelen en, indien van toepassing, de cliënt bijtijds door te verwijzen naar een huisarts.

Terug