Gesponsord door:

Vitamine A

Vitamine A werd in 1913 ontdekt, toen wetenschappers zagen dat de stof van belang is voor het aanpassen van de ogen aan de duisternis. Het lichaam haalt vitamine A gedeeltelijk uit dierlijke vetten en maakt een gedeelte zelf aan uit bètacaroteen.

Vitamine A is in de cel betrokken bij verschillende biochemische en fysiologische processen. Voldoende inname van vitamine A is van belang voor gezichtvermogen (zien bij lage lichtintensiteit), genexpressie, celdeling en celdifferentiatie, kwaliteit van slijmvliezen en epitheelweefsel (wondheling), groei en ontwikkeling, voortplanting, longfunctie en een goede afweer tegen ziektes. All-trans retinoinezuur (ATRA) is de biologisch actieve vorm van vitamine A en reguleert de expressie van genen die coderen voor structurele eiwitten (zoals keratine in de huid), enzymen (zoals alcoholdehydrogenase), extracellulaire matrixeiwitten (waaronder laminine) en retinolbindende eiwitten en receptoren. Vitamine A is belangrijk voor de utilisatie van ijzer en de preventie van bloedarmoede.

Aangezien vitamine A vetoplosbaar is, kan een te hoge inname leiden tot vergiftiging. Bij bètacaroteen, dat deels in vitamine A wordt omgezet, bestaat dit gevaar niet.

Bronnen

Belangrijke bronnen voor vitamine A zijn lever, vis, (half)volle melk en melkproducten en boter. Groenten en fruit bevatten bèta-caroteen, dat door het lichaam naar behoefte wordt omgezet in vitamine A. Daarnaast wordt er in Nederland vitamine A toegevoegd aan margarine, halvarine en bak- en braadproducten tot het niveau van boter.

Let op: Lever bevat grote hoeveelheden vitamine A. Bijvoorbeeld: 15 gram runderlever bevat al ruim 5400 microgram vitamine A, terwijl de veilige bovengrens 3000 microgram per dag is.

Tekenen van een mogelijk tekort

Nachtblindheid (keratomalacie), veranderingen in de huid, zoals (folliculaire) hyperkeratose, een verhoogde gevoeligheid voor infecties, diarree en bloedarmoede. Een langdurig, ernstig tekort leidt tot blindheid (xeroftalmie). Vitamine A-tekort is met name een probleem in ontwikkelingslanden. In Nederland heeft ongeveer 20-30% van de volwassenen een te lage vitamine A-inname met de voeding en bijna 10 procent van de jonge kinderen daarentegen een te hoge inname van vitamine A. Een vitamine A-tekort verhoogt de kans op parasitaire infecties.

Indicaties

  • Vitamine A-tekort
  • Verhoogde vitamine A-behoefte door ziekte: infectieziekten (met name mazelen en malaria), alcoholisme, diabetes mellitus, hyperthyroïdie, koorts, leverziekten, taaislijmziekte, abetalipoproteïnemie
  • Preventie oogaandoeningen: nachtbindheid, xerophtalmie, slecht zien, maculadegeneratie, glaucoom, cataract, retinitis pigmentosa
  • Herstel na ooglaseren (in combinatie met vitamine E)
  • Ondersteuning immuunsysteem
  • Huidaandoeningen: acne, eczeem, psoriasis, koortslip, wonden, brandwonden, verbranding, keratosis follicularis, ichthyosis, lichen planus pigmentosus
  • Preventie borstkanker
  • IJzergebreksanemie (samen met ijzer)

Gebruiksadviezen

  • Algemene adviesdosering: 4000 ie per dag bij de (vetbevattende) maaltijd.   
  • Biochemisch aangetoond vitamine A-tekort (volwassenen): tijdelijk 12.000-24.000 ie per dag tot klinische verbetering optreedt, meestal in 1-2 weken.
 
Let er bij langdurige vitamine A-suppletie op de aanvaardbare bovengrens van inname (totale vitamine A-inname uit voeding en supplementen) niet te overschrijden (zie tabel).

Voedingsnormen vitamine A (retinol) (Gezondheidsraad 2008)

 

Gemiddelde behoefte (mg/dag)

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (mg)

Aanvaarbare bovengrens (mg/dag)

  1-3 jaar

  0,22

  0,3

  0,8

  4-8 jaar

  0,3

  0,4

  1,1-1,5

  9-13 jaar

  0,44

  0,6

  1,5-2,0

  14-18 jaar (jongens)

  0,6

  0,8

  2,0-2,6

  14-18 jaar (meisjes)

  0,51

  0,7

  2,0-2,6

  19-50 jaar (mannen)

  0,62

  0,9

  3,0 mg (10.000 ie)

  19-50 jaar (vrouwen)

  0,53

  0,7

  3,0

  51-65 jaar (mannen)

  0,61

  0,9

  3,0

  51-65 jaar (vrouwen)

  0,53

  0,7

  3,0*

  66+ (mannen)

  0,61

  0,9

  3,0

  66+ (vrouwen)

  0,52

  0,7

  3,0*

  Bij zwangerschap

  0,58

  0,7

  3,0

  Bij borstvoeding

  0,93

  1,3

  3,0

 

* Postmenopausale vrouwen, die een hoger risico op osteoporose en botbreuken hebben, doen er mogelijk goed aan de maximale vitamine A-inname (uit voeding en supplementen) te beperken tot 1,5 mg (1500 mcg) retinol per dag.
1 RAE (retinol activiteit equivalent) ~ 1 mcg (microgram) retinol ~ 3,3 ie (internationale eenheden) vitamine A-activiteit

Interactie

  • Suppletie van vitamine A naast maagzuurremmers bevordert de genezing van maagzweren.
  • Suppletie met vitamine A kan gunstig zijn bij chemotherapie (opheffen verlaagde vitamine A-status, verminderen bijwerkingen en/of verhoging effectiviteit cytostatica), maar kan in een aantal gevallen ook resulteren in een negatieve interactie. Dit dient per geval door een ervaren arts uitgezocht te worden.
  • Cholestyramine, colestipol, cholestyramine en orlistat verlagen de opname van vitamine A. Gebruik van een multi met vitamine A of een apart vitamine A-supplement is aan te raden.
  • Langdurig gebruik van corticosteroïden kan de vitamine A-status verlagen. Vitamine A-suppletie kan de effectiviteit van corticosteroïden verhogen. Monitoring van de spiegels van vitamine A en retinol bindend proteïne (RBP) is gewenst.
  • Statines kunnen de vitamine A-spiegel verhogen. Wees terughoudend met vitamine A-suppletie.
  • Medroxyprogesteron (prikpil) en orale anticonceptie kan de vitamine A-spiegel verhogen en de opname van carotenoïden verlagen. Wees terughoudend met vitamine A-suppletie; suppletie met carotenoïden kan gewenst zijn.
  • Neomycine verlaagt de opname van vitamine A; bij gebruik van een hoge dosis neomycine gedurende 2 dagen of langer is aanvullende suppletie met vitamine A en/of bètacaroteen gewenst.
  • Wees terughoudend met vitamine A-suppletie bij gebruik van retinoïden of tetracycline-antibiotica.

Veiligheid

Vitamine A is veilig als de bovengrens van inname niet (langdurig) overschreden wordt. De bovengrens van inname betreft de totale inname van vitamine A uit voeding (met vitamine A verrijkte voedingsmiddelen zoals margarine en dierlijke producten, vooral lever) en voedingssupplementen.

Een te hoge inname van vitamine A is toxisch voor de lever en vergroot bij zwangerschap het risico op een kind met aangeboren afwijkingen. Tevens is een hoge vitamine A inname (dagdosis boven 10.000 ie per dag) vanaf middelbare leeftijd geassocieerd met een grotere kans op osteoporose.
Terug