Gesponsord door:

Psyllium

voor stoelgang en stofwisseling




01-nov-2016

Definitie voedingsvezels

Voedingsvezels zijn koolhydraatpolymeren, die bestaan uit 10 of meer monomeren (monosachariden), die niet worden afgebroken door endogene enzymen in de dunne darm van de mens en behoren tot één van de volgende categorieën:(1-3)

  • Voedingsvezels (in engere zin): eetbare (niet-verteerbare, niet-opneembare) koolhydraatpolymeren die van nature in plantaardig voedsel voorkomen (volkorengranen, peulvruchten, groenten, fruit, noten, zaden). Deze voedingsvezels zijn bestanddeel van celwand (zoals cellulose, hemicellulose, pectine, lignine, bètaglucanen) of intracellulaire structuren (zoals pectine, resistente zetmeel, gommen, slijmstoffen).
  • Functionele vezels: eetbare (niet-verteerbare, niet-opneembare) koolhydraatpolymeren, die zijn gewonnen uit plantaardig materiaal (zoals psylliumvezels, cellulose), of synthetische koolhydraatpolymeren (zoals methylcellulose) met wetenschappelijk aangetoonde fysiologische effecten. Geïsoleerde of synthetische vezels met 3 tot 9 eenheden behoren alleen tot de voedingsvezels als ze aangetoonde fysiologische effecten hebben (zoals inuline, oligofructose, fructo-oligosachariden).

Bepaalde stoffen (zoals pectine, gommen en slijmstoffen), die tegenwoordig tot de voedingsvezels worden gerekend, hebben geen vezelstructuur. Daarom kan wellicht beter worden gesproken van niet-verteerbaar residu in plaats van voedingsvezels. Vanwege de herkenbaarheid is ervoor gekozen de term voedingsvezel te handhaven. Voedingsvezels worden, afhankelijk van hun mate van wateroplosbaarheid niet, gedeeltelijk of geheel afgebroken (gefermenteerd) door bacteriën in de dikke darm, waarbij korte ketenvetzuren (zoals butyraat, propionaat, acetaat) en gassen zoals kooldioxide, methaan en waterstof worden gevormd. Voedingsvezels die fermenteerbaar zijn, worden prebiotica genoemd. Voedingsvezels worden ook wel in vier groepen ingedeeld:(4)

  • Zeer goed oplosbare, sterk fermenteerbare vezels (zoals resistent zetmeel, pectine, inuline, guargom)
  • Tamelijk goed oplosbare en fermenteerbare vezels (zoals psyllium en bètaglucanen)
  • Onoplosbare, langzaam fermenteerbare vezels (zoals tarwezemelen, lignine, bepaalde vezels in groenten en fruit)
  • Onoplosbare, niet-fermenteerbare vezels (zoals cellulose, methylcellulose)

Gezondheidseffecten voedingsvezels

Voedingsvezels hebben uiteenlopende gezondheidseffecten. Bijvoorbeeld, onoplosbare vezels versnellen de darmpassage en zorgen voor een betere stoelgang (met verhoging van de fecale bulk), terwijl oplosbare vezels de snelheid van maaglediging afremmen en bijdragen aan een betere glucose- en vetstofwisseling en verzadiging na het eten.(2,3) Echter, aangezien ieder type voedingsvezel specifieke eigenschappen bezit, is het beter de gezondheidseffecten van voedingsvezels niet te generaliseren. Sommige oplosbare vezels, zoals resistent zetmeel en inuline, verlagen de cholesterolspiegel niet, terwijl het effect van onoplosbare vezels op de hoeveelheid ontlasting niet altijd even groot is. Psylliumvezels en bètaglucanen zijn grotendeels oplosbaar en verbeteren de glucose- en vetstofwisseling, maar verhogen ook de fecale massa.(3) Het is belangrijk gevarieerd te eten en daarmee diverse typen voedingsvezels binnen te krijgen. Voor een beoogd gezondheidseffect (of ter aanvulling van de dagelijkse vezelinname) kan een functionele voedingsvezel zoals psyllium worden ingezet. De totale dagelijkse vezelinname is de optelsom van voedingsvezels en functionele vezels.

Vezelbehoefte

Voedingsvezels zijn heel belangrijk voor de gezondheid. Ze verbeteren de darmfunctie en helpen welvaartsziekten zoals hart- en vaatziekten, metabool syndroom, diabetes mellitus, overgewicht en kanker tegen te gaan. De aanbevolen hoeveelheid vezels voor volwassenen bedraagt 30-40 gram per dag. Voor kinderen van 1-3 jaar, 4-8 jaar en 9-13 jaar gelden aanbevelingen van respectievelijk 15, 20-25 en 25-30 gram vezels per dag.(5) Uit onderzoek is gebleken dat de vezelinname van 90% van de Nederlandse volwassenen en kinderen ontoereikend is. Gemiddeld krijgen kinderen (7-18 jaar) 8,8 gram vezels per 1000 kcal per dag binnen, vrouwen 10,9 gram/1000 kcal/dag en mannen 9,2 gram/1000 kcal/dag.(6) De optimale vezelinname kan een stuk hoger zijn dan de huidige aanbevelingen van de Gezondheidsraad; onze verre voorouders kregen vermoedelijk meer dan 70 gram vezels per dag binnen met de voeding.(7) Een hoge inname van voedingsvezels is ongevaarlijk; een veilige bovengrens van inname (tolerable upper intake level) voor voedingsvezels is dan ook niet vastgesteld.(2)

Psylliumvezels

Psyllium(vezel) wordt gewonnen uit de epidermis (zaadschil) van de zaden van Plantago ovata, een medicinale plant uit de weegbreefamilie die met name in India wordt verbouwd. Psyllium (ook wel blonde psyllium, Indiase psyllium of Ispaghula genoemd) wordt al duizenden jaren gebruikt binnen de ayurvedische en traditionele Chinese geneeskunde, inwendig bij onder meer constipatie, diarree, aambeien, blaasproblemen en hoge bloeddruk en uitwendig bij huidirritaties en insectenbeten.(8) Europeanen en Noord-Amerikanen, die psyllium veel later hebben ontdekt, zijn psyllium ook gaan gebruiken voor het verlagen van de cholesterol- en bloedglucosespiegel.

Psyllium bestaat (grotendeels) uit wateroplosbare vezels (hemicellulose, wat betreft structuur unieke, sterk vertakte arabinoxylanen).(9) Psylliumvezels vormen een kleur- en geurloze gel als ze in contact komen met water en kunnen tien keer het eigen drooggewicht aan water opnemen. Een voordeel van psyllium boven andere oplosbare vezels is dat psyllium in mindere mate wordt gefermenteerd door de darmflora en daardoor minder aanleiding geeft tot klachten zoals een opgeblazen gevoel en winderigheid.(10,11)

psyllium
Afbeelding 1. Plantago ovata, een medicinale plant uit de weegbreefamilie

Gezondheidseffecten psyllium

Verbetering stoelgang
Psyllium heeft een mild laxerende werking. Psyllium trekt water aan en vormt een gel in het maagdarmkanaal. De ontlasting wordt daardoor zachter, neemt in volume toe (dit stimuleert de peristaltiek) en verlaat sneller en gemakkelijker het lichaam.(4,8,12)

Andere viskeuze, wateroplosbare vezels zoals bètaglucanen en pectine (die net als psyllium de cholesterolspiegel verlagen) hebben nauwelijks invloed op de darmfunctie omdat ze sneller en vollediger worden gefermenteerd in de dikke darm. Psylliumvezels daarentegen worden voor een belangrijk deel met de ontlasting uitgescheiden.(12-14) Iedere gram psylliumvezels verhoogt het fecesgewicht met circa 6 gram. In in-vitro en dieronderzoek is vastgesteld dat een lagere dosis psylliumvezels een laxerend effect heeft, terwijl een hogere dosis diarree tegengaat.(15) Psyllium heeft een laxerend effect en stimuleert de darmperistaltiek niet alleen door vergroting van de fecale bulk, maar ook door activering van serotonine- (5HT4) en muscarinereceptoren in de darmwand. Daarnaast gaat psyllium diarree tegen door het opnemen van water en het verbeteren van de consistentie van de feces, en daarnaast door een krampstillende werking via blokkade van calciumkanalen en stimulering van NO-cGMP (stikstofoxide cyclisch guanosinemonofosfaat)- afhankelijke ontspanning van glad spierweefsel in de darmwand. Voor regulatie van de darmfunctie bij de mens worden van oudsher doseringen tussen 2,5 en 30 gram psyllium per dag gebruikt.(15)

Prebiotische, ontstekingsremmende en antioxidatieve effecten
Psyllium fungeert deels als voedselbron voor de darmflora in de dikke darm, waarbij onder meer korte keten vetzuren zoals butyraat en propionaat worden gevormd, die synergetische ontstekingsremmende en antioxidatieve effecten hebben, een belangrijke energiebron zijn voor de dikke darmmucosa en een verhoogde darmpermeabiliteit (‘lekkende darm’) tegengaan.(16-19) De fermentatie is onvolledig, waarschijnlijk omdat darmbacteriën niet beschikken over alle enzymen die nodig zijn voor volledige afbraak.(9) Bij gezonde proefpersonen leidde psylliumsuppletie (30 gram/dag) tot verlaging van de bloedspiegel van de ontstekingsmarker CRP (Creactief proteïne).(20) In een andere studie met proefpersonen met overgewicht was een lagere dosis psyllium (7 of 14 gram/ dag) onvoldoende voor een significant effect op de CRP-spiegel.(21) Laaggradige ontsteking speelt onder meer een rol bij hart- en vaatziekten, metabool syndroom, obesitas, diabetes en kanker.

Verbetering lipidenstofwisseling
Psylliumvezels verlagen de totaalcholesterol- en LDL-cholesterolspiegel door stimulering van de synthese van galzuren uit cholesterol in de lever (met verhoging van de activiteit van 7-alfahydroxylase, het snelheidsbeperkende enzym in de galzuursynthese) en door verhoging van de cholesterol- en galzuuruitscheiding met de ontlasting (door binding aan psyllium).(4,8,22) Aanvullende mechanismen kunnen een rol spelen, zoals remming van de cholesterolsynthese in de lever door het korte keten vetzuur propionaat, verlaging van de vetinname en secundaire effecten van een vertraagde glucose-opname uit voeding.(8,23) Bij mensen met overgewicht gaat psylliumsuppletie (15 gram bij de maaltijd) postprandiale dislipidemie tegen (verhoging van triglyceriden en andere bloedlipiden na het eten, een onafhankelijke risicofactor voor atherosclerose), vermoedelijk door verandering van de vetvertering en een tragere vetabsorptie.(24) Dieronderzoek laat zien dat psyllium het transport van lipiden uit de lever naar de spieren bevordert en de vetzuuroxidatie in spierweefsel verhoogt, wat helpt om af te vallen en vetten kwijt te raken.(25) Tevens zorgt psyllium voor een betere samenstelling van galzuren in de galvloeistof, waardoor de kans op (cholesterol) galstenen daalt.(25,26)

Verbetering glucosestofwisseling
Door een tragere maaglediging en een tragere opname van koolhydraten uit de voeding zorgen psylliumvezels voor verlaging van de postprandiale (na de maaltijd) bloedglucose- en insulinespiegels. Dit effect is aangetoond bij gezonde proefpersonen, proefpersonen met insulineresistentie (metabool syndroom) en diabetici.(26) Langdurig gebruik van psyllium verbetert de insulinegevoeligheid.(69) Een metaanalyse van klinische studies naar het effect van psylliumvezels op de glycemische controle laat zien dat psyllium (ingenomen voor de maaltijd) de nuchtere bloedglucosespiegel niet-significant verlaagt bij een normale bloedglucosespiegel, iets sterker verlaagt bij metabool syndroom en het meest verlaagt bij diabetes type 2 (met 1% [10,6 mmol/mol] daling van HbA1c).(27)

Betere verzadiging na het eten
Psylliumsuppletie voor het eten geeft een beter verzadigingsgevoel en vol gevoel na het eten en vermindert trek tussen de maaltijden door.(28) Dit komt mede door vergroting van het volume van de spijsbrijen een meer geleidelijke opname van voedingsstoffen uit de dunne darm. Inname van psyllium voor de maaltijd heeft verschillende effecten:(11,28-32)

  • Psyllium verlaagt de plasmaspiegel van ghreline, een hormoon dat door de maagwand wordt afgescheiden en de eetlust stimuleert. Daarnaast vertraagt psyllium de postprandiale stijging van de glucose- en insulinebloedspiegels waardoor reactieve hypoglykemie (dat een hongergevoel geeft), wordt voorkomen.
  • Psyllium stimuleert de afgifte van het hormoon cholecystokinine door de dunne darm, dat de maaglediging vertraagt en een gevoel van verzadiging geeft.
  • Psyllium vertraagt de opname van voedingsstoffen waardoor een deel van de voedingsstoffen het distale ileum bereikt. Hierbij treedt de zogeheten ‘ileal brake’ op, een feedbackmechanisme waarbij de afgifte toeneemt van GLP-1 (glucagon-like peptide-1, een hormoon dat de eetlust remt, de maaglediging en dunne darmpassage vertraagt, de glucagonafgifte verlaagt en de insulinegevoeligheid verbetert) en PYY (peptide YY, een hormoon dat de eetlust remt en maaglediging vertraagt).

Bloeddrukverlaging
Preklinisch onderzoek laat zien dat psyllium verhoging van de bloeddruk remt, gerelateerd aan obesitas, metabool syndroom en diabetes type 2, vermoedelijk mede door cholesterolverlaging, verhoging van de insulinegevoeligheid en verbetering van endotheelafhankelijke vaatverwijding.(33,34) Uit dieronderzoek is tevens gebleken dat psyllium zout-geïnduceerde bloeddrukstijging tegengaat, mogelijk door verhoging van de natriumuitscheiding met de ontlasting.(35)

Bescherming darmmucosa
Dieronderzoek suggereert dat psyllium darmontsteking tegengaat. Wetenschappers zagen in een diermodel voor ulceratieve colitis dat psyllium het chronische ontstekingsproces in de dikke darm significant remde en zorgde voor daling van ontstekingsmediatoren (stikstofmonoxide, leukotrieen-B4, TNF-α). Verhoging van de productie van de korte keten vetzuren butyraat en propionaat door fermentatie van psylliumvezels speelt vermoedelijk een belangrijke rol.(19) Ook is in dieronderzoek aangetoond dat psyllium beschermt tegen zweren in de twaalfvingerige darm, geïnduceerd door aspirine.(36)

Toepassingen psyllium

Constipatie
Een belangrijke toepassing van psylliumvezels is het tegengaan van chronische constipatie.(15) Op basis van vele wetenschappelijke studies is geconcludeerd dat psyllium een gunstige invloed heeft op de feces-samenstelling (toename volume, zachter en gladder van consistentie) en defecatiefrequentie, met daling van de totale darmpassagetijd.(12,14,15,37) Psyllium vermindert buikpijn en de noodzaak te persen bij defecatie. De NHG-standaard constipatie (van het Nederlands Huisartsen Genootschap) adviseert in eerste instantie voldoende te drinken, vezelrijke voeding te nuttigen en voldoende te bewegen. Als de vezelinname uit voeding ontoereikend is, kan de huisarts psyllium voorschrijven.(37) Psyllium helpt vooral bij functionele chronische constipatie (zonder organische oorzaak).(8) Bij 149 patiënten met chronische constipatie leidde de inname van 15 tot 30 gram psyllium per dag bij 85% van de proefpersonen met functionele constipatie tot het gewenste resultaat. Bij een te trage darmpassage had slechts 20% van de proefpersonen baat bij psylliumsuppletie en bij diverse andere defecatieproblemen, zoals rectocele (verslapping van de wand tussen endeldarm en vagina), interne rectumprolaps (verzakking), anismus (verstoorde werking van onder meer de externe anale sluitspier) en rectale hyposensitiviteit, reageerde 37% positief op psylliumsuppletie.(8)

Veel mensen met kanker hebben last van constipatie; psylliumsuppletie is geschikt voor de behandeling van milde of voorbijgaande constipatie (die niet veroorzaakt is door gebruik van opioïden).(38) Na een operatieve ingreep vanwege geblokkeerde defecatie kan psyllium (3,5 gram per dag) helpen om de darmfunctie verder te verbeteren en postoperatieve aandrang tot defecatie, fecale incontinentie en resterende constipatie tegen te gaan.(77) Psyllium kan ook worden ingezet bij constipatie tijdens de zwangerschap en constipatie gerelateerd aan ulcus pepticum of diverticulitis.(26)

Diarree
Opmerkelijk is dat psyllium niet alleen bij constipatie werkt, maar ook bij (chronische) diarree. Door het sterke waterbindende  vermogen van psyllium, het vertragen van de maaglediging en de spierontspannende werking helpt psyllium de darmen tot rust te komen, de fecesconsistentie te verbeteren en de defecatiefrequentie te verlagen.(26) Psyllium (7-15 gram per dag) heeft een significant effect bij fecale incontinentie, waarbij de frequentie van fecale incontinentie met 50% kan dalen.(8,39,40) In een recente klinische studie is aangetoond dat psyllium even goed werkt bij fecale incontinentie als loperamide (dat meer bijwerkingen heeft).(41) Onoplosbare vezels werken daarentegen averechts, terwijl oplosbare vezels die volledig gefermenteerd worden, nauwelijks effect hebben. Psylliumsuppletie is ook effectief bij stralingsgeïnduceerde diarree met verlaging van de incidentie en ernst van diarree door bestraling van het bekken.(42)

Prikkelbare Darm Syndroom
Zeker 10% van de Nederlanders heeft last van PDS (Prikkelbare Darm Syndroom). Belangrijke symptomen van de chronische darmaandoening zijn (onverklaarde) buikpijn (continu of met tussenpozen), krampen, een opgeblazen gevoel en een wisselend ontlastingspatroon.(43) De klachten verminderen na toiletbezoek en er kan slijm bij de ontlasting zijn. Voor mensen met PDS is het belangrijk vezelrijke voeding te consumeren, desgewenst aangevuld met een psylliumsupplement.(44) In een Nederlandse studie namen 93 proefpersonen met PDS gedurende 12 weken psylliumvezels (10 gram/dag), tarwezemelen (10 gram/dag) of placebo in.(43) Inname van psylliumvezels leidde tot ‘adequate relief’ (minder buikpijn en ongemak) en significante afname van PDS-symptomen, vergeleken met placebo, terwijl tarwezemelen niet beter werkten dan placebo en klachten zelfs konden verergeren. Psyllium helpt bij PDS waarbij diarree overheerst en (nog iets beter) bij PDS waarbij constipatie overheerst.(4,26,43,44) Uit een dosis-responsstudie (suppletie met 10, 20 of 30 gram psyllium per dag) is naar voren gekomen dat 20 gram psyllium per dag waarschijnlijk de optimale dosis is bij PDS.(4,44) Bij kinderen is een te lage vezelinname risicofactor voor recidiverende buikpijn (gedefinieerd als minimaal 3 episoden van buikpijn in de laatste 3 tot 12 maanden).(45) Recidiverende buikpijn kan geïsoleerd voorkomen of in combinatie met dyspepsie of een wisselend ontlastingspatroon (PDS). Bij 34% van de kinderen gaat buikpijn gepaard met chronische constipatie. Onderzoek laat zien dat kinderen (vanaf 6 jaar) met PDS ook baat hebben bij psylliumsuppletie; psyllium zorgt daarbij voor sterke afname van het aantal buikpijnepisoden.( 78) Er zijn aanwijzingen dat een FODMAP-beperkt dieet (een dieet arm aan laagmoleculaire koolhydraten, zogeheten Fermenteerbare Oligo-, Di- en Mono-Sachariden, en Polyolen) helpt bij PDS.(9,44) FODMAPkoolhydraten kunnen om verschillende redenen slecht worden afgebroken en opgenomen in de dunne darm. Ze trekken vocht aan en, aangekomen in de dikke darm, worden ze snel gefermenteerd, met klachten zoals buikpijn en een opgeblazen gevoel. Aangezien een FODMAP-beperkt dieet onvoldoende vezels bevat, is aanvullende psylliumsuppletie sterk aan te bevelen.(44)

Diverticulose en aambeien
Psylliumsuppletie helpt bij (symptomatische) aambeien. Uit een meta-analyse van 7 gerandomiseerde klinische studies met proefpersonen met symptomatische aambeien is gebleken dat psylliumsuppletie (gedurende minimaal een maand) bloedverlies, pijn, jeuk, zwelling en prolaps tegengaat.(8,46) Psylliumsuppletie is ook aan te raden bij aambeien en neiging tot constipatie. De geadviseerde dosis is 12-20 gram psyllium per dag.(46) Diverticulose (uitstulpingen in de dikke darmwand) komt in westerse landen vaak voor. Factoren die een rol spelen bij het ontstaan van diverticulose zijn (hoge) leeftijd, vezelarme voeding, een verslapte darmwand en tragere darmmotiliteit.(47) Van de mensen boven 80 jaar heeft circa 60% diverticulose, terwijl de aandoening bij mensen onder de 40 jaar bij 10% voorkomt. In een grote prospectieve studie is vastgesteld dat een voedingspatroon met weinig vezels en veel vet en rood vlees is geassocieerd met een 3 keer grotere kans op symptomatische diverticulose met klachten zoals periodieke buikkramp en een opgeblazen gevoel.(48) Psylliumsuppletie kan helpen bij de preventie van symptomatische diverticulose en bijbehorende complicaties (diverticulitis, divertikelbloedingen).(48)

Chronische inflammatoire darmziekten
Psylliumvezels gaan darmontsteking tegen en hebben waarschijnlijk een gunstig effect bij de ziekte van Crohn en ulceratieve colitis, mede door het tegengaan van constipatie en diarree en verbetering van de productie van korte keten vetzuren.(9,18) Bij proefdieren met ulceratieve colitis in remissie werkte psylliumsuppletie net zo goed als mesalazine bij het voorkomen van een opvlamming.(19) De onderzoekers stelden vast dat psyllium zorgde voor een betere conditie van het dikke darmepitheel, met verbetering van de slijmsecretie, afname van oedeem en minder infiltratie van ontstekingscellen. In een humane studie is eveneens vastgesteld dat psyllium (20 gram/dag) net zo effectief is als mesalazine bij het onder controle houden van ulceratieve colitis.(8,9) In een andere humane studie leidde psylliumsuppletie bij proefpersonen met ulceratieve colitis (in remissie) tot afname van maagdarmklachten (buikpijn, diarree, aandrang, opgeblazen gevoel, constipatie, slijm bij de ontlasting, incomplete defecatie).(9)

Psyllium kan uitstekend worden gecombineerd met een hoog gedoseerd probioticum.(49,50) Bij patiënten met ulceratieve colitis leidde suppletie met psyllium (8 gram/ dag), een probioticum (Bifidobacterium longum, 2 miljard cfu/dag) of beide tot significante verbeteringen, gemeten met IBDQs (Inflammatory Bowel Disease Questionnaires).(50) Psyllium had vooral invloed op lichamelijke klachten, het probioticum op stemming en welzijn. In een humane pilotstudie met 10 patiënten met de ziekte van Crohn in de actieve fase (met diarree en buikpijn als hoofdklachten) leidde suppletie met psyllium (9,9 gram/dag) en een hoog gedoseerd probioticum (met lactobacillen en bifidobacteriën, 75 miljard cfu/dag) na 8,5-17,5 maanden bij 6 van de 10 proefpersonen tot complete remissie van de inflammatoire darmziekte.(49) Dit werd mede vastgesteld met de CDAI-score (Crohn’s Disease Activity Index) en IOIBDscore (International Organization for the Study of Inflammatory Bowel Disease).

Coeliakie
Door het volgen van een glutenvrij dieet hebben mensen met coeliakie over het algemeen een lage inname van voedingsvezels en eiwitten.(51) Psylliumvezels bevatten geen gluten en helpen de vezelinname op peil te houden. Daarbij is psyllium een goede glutenvervanger in recepten en kan het als bindmiddel worden gebruikt in onder meer brood (circa 4 gram per 500 gram meel), gebak, koekjes, sauzen, soep, ijs en jam.(51-53) Ook kan psyllium worden toegevoegd aan een smoothie, havermoutpap en muesli. Mensen zonder coeliakie kunnen psyllium natuurlijk ook verwerken in voeding om hun dagelijkse vezelinname te verhogen.

Hypercholesterolemie
Psyllium zorgt voor significante verlaging van de totaal- en LDL-cholesterolspiegel en kan worden ingezet bij milde tot matige hypercholesterolemie.(8,26,54,55) De volgende resultaten van klinische studies geven een beeld van de mate van cholesterolverlaging die met psyllium kan worden bereikt:(8,22,45,56)

  • Suppletie met 15 gram psyllium per dag gedurende 30 dagen verlaagt het totaal- en LDL-cholesterol met respectievelijk 5% en 8%, vergeleken met placebo.
  • Tweemaal daags 5 gram psyllium (8 weken) leidt tot daling van de totaalcholesterol- en LDL-cholesterolspiegel met respectievelijk 3,5% en 5,1%. In combinatie met een beter eetpatroon is een totaalcholesterol- en LDL-cholesterolverlaging met respectievelijk 8,9% en 13,2% mogelijk (10,5 gram psyllium per dag gedurende 6 maanden), vergeleken met aanpassing van het eetpatroon en placebo.
  • Een meta-analyse van 12 studies concludeert dat psyllium het totaalcholesterol met gemiddeld 5% verlaagt en de LDLspiegel met 9%.
  • De consumptie van koekjes met psyllium verlaagde de LDL-spiegel bij mannen met hypercholesterolemie met 22,6%, vergeleken met placebo (koekjes met tarwezemelen).
  • Ouderen met hypercholesterolemie namen een jaar lang psyllium in. Met iedere gram verhoging van de dagelijkse psylliuminname daalde de totaalcholesterolspiegel met 0,022 mmol/l (0,84 mg/dl).

Preventie galstenen
Preklinisch onderzoek suggereert dat psyllium de kans op galstenen verlaagt. Dertig procent van de mensen met obesitas die een energiebeperkt dieet volgt om af te vallen, krijgt last van galstenen. In een humane studie is aangetoond dat aanvullende suppletie met psyllium (15 gram/ dag) de kans op galstenen sterk verlaagt bij obese proefpersonen op dieet.(58)

Afvallen en op gewicht blijven
Mensen die veel vezelrijke voeding eten, zijn slanker en komen minder snel aan dan mensen die dit niet doen.(3,11,59-61) Dit komt mede door het lagere caloriegehalte van vezelrijke voeding, maar ook door een geleidelijker opname van koolhydraten en vetten. Over een periode van 20 maanden zorgt iedere gram verhoging van de dagelijkse vezelinname voor verlaging van het lichaamsgewicht met 0,25 kg.(62) Psylliumsuppletie (7-14 gram voor iedere maaltijd) geeft een betere verzadiging na het eten, verlaagt de vetinname, vermindert het hongergevoel en verlaagt de behoefte aan tussendoortjes.(11,28) Hierdoor is het gemakkelijker om minder te eten, af te vallen en op gewicht te blijven. Suppletie met 14 gram psyllium per dag bij het eten kan de dagelijkse calorie-inname met circa 10% verlagen en ervoor zorgen dat iemand na 4 maanden 2 kilo is afgevallen.(63)

Metabool syndroom en diabetes type 2
Metabool syndroom is een clustering van (metabole) risicofactoren voor onder meer diabetes type 2 en hart- en vaatziekten: abdominale obesitas, atherogene dislipidemie, insulineresistentie, glucose-intolerantie, endotheeldisfunctie, verhoogde bloeddruk en ontsteking. Een hoge vezelinname (uit voeding en supplementen) verlaagt de kans op metabool syndroom (insulineresistentiesyndroom), diabetes type 2 en hart- en vaatziekten.(3,64) Psyllium (voor de maaltijd ingenomen) is een uitstekend supplement om bij metabool syndroom en diabetes type 2 in te zetten omdat het veel componenten van metabool syndroom beïnvloedt: de calorieinname, abdominale obesitas, cholesterolen triglyceridenspiegel, (nuchtere, postprandiale) bloedglucosespiegel, (nuchtere, postprandiale) insulinespiegel en (in beperkte mate) de bloeddruk.(8,11,23,29,64-66) Psyllium zorgt ervoor dat de bloedglucosespiegel na de maaltijd niet te snel stijgt, waardoor de insulinebehoefte afneemt en hyperinsulinemie wordt tegengegaan.(66) Psylliumsuppletie bij diabetes type 2 is geassocieerd met een lagere (gemiddelde) bloedglucosespiegel, minder sterke schommelingen van de bloedglucosespiegel, verhoging van de insulinegevoeligheid en verlaging van HbA1c (geglycosyleerd hemoglobine).(24,67,68) Het effect van psylliumvezels op de nuchtere bloedglucosespiegel bij metabool syndroom en diabetes type 2 is significant en klinisch relevant.(27) Psyllium kan een vergelijkbaar effect hebben op de nuchtere bloedglucosespiegel bij mensen met metabool syndroom en diabetes type 2 als reguliere antidiabetica zoals metformine.(27) Het gebruik van psyllium bij de maaltijd draagt derhalve bij aan de preventie van diabetes type 2 bij mensen met metabool syndroom.

In een humane studie met 141 proefpersonen (50-70 jaar) met overgewicht en hypertensie leidde psylliumsuppletie (driemaal 3,5 gram/dag) onder meer tot significante verlaging van bloeddruk en lichaamsgewicht.(69) Na 6 maanden was de systolische bloeddruk met gemiddeld 5,2 mmHg (-3,9%) gedaald, de diastolische bloeddruk met 2,2 mmHg (-2,6%) en de BMI (Body Mass Index) met 2 punten (-7,2%). Na 6 maanden was de nuchtere plasmaglucosespiegel gedaald met 24 mg/dl (-27,9%), de nuchtere insulinespiegel met 5,1 μU/ml (-20,4%), HOMA Index (Homeostasis Model Assessment Index, een maat voor insulineresistentie) met 2,9 punten (-39,2%), HbA1c met 0,7% (-10,4%) en de LDL-spiegel met 9 mg/dl (-4,4%). De onderzochte parameters verbeterden over de hele periode van 6 maanden van psylliumsuppletie, wat aangeeft dat het belangrijk is psyllium langdurig te gebruiken. Ook waren de totaalcholesterol- en triglyceridenspiegels niet-significant gedaald na 6 maanden, terwijl deze na 12 maanden significant waren gedaald met respectievelijk 12 mg/dl en 21 mg/dl.(69)

 

Psylliumsuppletie

Psyllium kan worden gebruikt in doseringen variërend van 7 tot 30 gram per dag.(15) Het is belangrijk psylliumvezels met voldoende water (of een andere drank) in te nemen; het advies is per gram psyllium (minimaal) 30 ml vloeistof te drinken. Daarnaast kan psyllium in voeding worden verwerkt (onder meer brood, koekjes). Psylliumvezels kunnen door (langzame) fermentatie in de dikke darm milde maagdarmklachten veroorzaken zoals winderigheid, een opgeblazen gevoel en misselijkheid. Deze klachten kunnen meestal worden voorkomen door de dosis geleidelijk op te bouwen.(26,54) Bij het ontstaan van maagdarmklachten kan de dosis tijdelijk worden verlaagd. Gebruik psyllium niet vlak voor het slapen gaan; verlaging van de maagmotiliteit kan de darmpassage vertragen en leiden tot verstopping. Psylliumsuppletie is geschikt voor kinderen vanaf 6 jaar.(8)

Interacties

  • Psyllium kan de opname van medicijnen verlagen. Neem medicijnen daarom minimaal een uur tot twee uur voor de psyllium of minimaal twee uur erna.(26)
  • Psylliumvezels kunnen (theoretisch) de opname van bepaalde vitamines en mineralen (uit voeding of voedingssupplementen) verlagen. Vermoedelijk is deze interactie niet uitgesproken, zeker als psyllium een half uur tot een uur voor het eten wordt ingenomen.
  • Gelijktijdige inname van psyllium (driemaal daags 6 gram) en orlistat (driemaal daags 120 mg) vermindert bijwerkingen van orlistat zonder de werking van orlistat te verminderen.(70)
  • Psyllium kan de bloedglucosespiegel en bloeddruk verlagen. Mensen die antidiabetica en/of antihypertensiva gebruiken, dienen hier rekening mee te houden.
  • Psyllium en (hoogwaardige) eiwitten hebben een additief bloeddrukverlagend effect bij hypertensie.(71)
  • De combinatie van 15 gram psyllium en 10 mg simvastatine per dag verlaagt de LDL-cholesterol, totaalcholesterol en apolipoproteïne-B spiegels net zo goed als 20 mg simvastatine per dag.(72) Psyllium (10 gram/dag) en lovastatine (20 mg/dag) hebben een additief effect bij het verlagen van de cholesterolspiegel.(79) 
  • Psyllium en plantensterolen hebben eveneens een additief effect bij het verlagen van de cholesterolspiegel.(73) 
  • Psyllium (7 gram/dag) gaat diarree door misoprostol tegen.(74)
  • Psyllium beschermt de darmmucosa tegen beschadiging door aspirine.(36)
  • Psyllium en probiotica versterken elkaars werking bij inflammatoire darmziekten.( 49,50)

Contra-indicaties

  • Overgevoeligheid voor psyllium. De kans hierop is sterk gereduceerd bij 95% zuiverheid van psylliumvezels, ten opzichte van 85% zuiverheid. Sensibilisatie kan optreden na inhalatie van kleine psylliumdeeltjes. Mensen die beroepsmatig veel in aanraking komen met psyllium, zoals verpleegkundigen, apothekers en medewerkers bij farmaceutische bedrijven hebben de meeste kans op (IgE-gemedieerde) overgevoeligheidsreacties (rhinoconjunctivitis, astma, maagdarmklachten, urticaria, anafylaxe).(75,76)
  • Abnormale vernauwingen in het maagdarmkanaal, ulcus pepticum en slokdarmaandoeningen
  • Moeilijk te reguleren diabetes mellitus
  • Lage bloeddruk
  • Slikproblemen
  • Colorectale adenomen

Referenties

1. Jones JM. CODEX-aligned dietary fiber definitions help to bridge the ‘fiber gap’. Nutr J. 2014;13:34.
2. Institute of Medicine. Dietary Reference Intakes: The Essential Guide to Nutrient Requirements. Washington, DC: The National Academies Press, 2006:110-121.
3. Slavin J. Fiber and prebiotics: mechanisms and health benefits. Nutrients 2013;5:1417-1435.
4. Eswaran S et al. Fiber and functional gastrointestinal disorders. Am J Gastroenterol 2013;108:718- 727.
5. Gezondheidsraad Nederland. Richtlijn voor de vezelconsumptie, 2006. http://www.gezondheidsraad. nl/sites/default/files/Richtlijn%20voor%20 de%20vezelconsumptie.pdf
6. Rossum CTM et al. Dutch National Food Consumption Survey 2007-2010: Diet of children and adults aged 7 to 69 years. RIVM-rapport nr. 350050006. Bilthoven, 2011.
7. Eaton SB et al. Diet-dependent acid load, Paleolithic nutrition, and evolutionary health promotion. Am J Clin Nutr. 2010;91(2):295-7.
8. Madgulkar AR et al. Characterization of psyllium (Plantago ovata) polysaccharide and its uses. In: Polysaccharides, Bioactivity and Biotechnology, 2015:871-890.
9. Wong C et al. Potential benefits of dietary fibre intervention in inflammatory bowel disease. Int J Mol Sci. 2016;17(6).
10. Marlett JA et al. The active fraction of psyllium seed husk. Proc Nutr Soc. 2003;62(1):207-9.
11. Pal S et al. The effect of a fibre supplement compared to a healthy diet on body composition, lipids, glucose, insulin and other metabolic syndrome risk factors in overweight and obese individuals. Br J Nutr. 2011;105(1):90-100.
12. Marlett JA et al. An unfermented gel component of psyllium seed husk promotes laxation as a lubricant in humans. Am J Clin Nutr. 2000;72:784-789.
13. Marlett JA et al. A poorly fermented gel from psyllium seed husk increases excreta moisture and bile acid excretion in rats. J Nutr. 2002;132(9):2638- 43.
14. Fischer MH et al. The gel-forming polysaccharide of psyllium husk (Plantago ovata Forsk). Carbohydr Res. 2004 Aug 2;339(11):2009-17.
15. Mehmood MH et al. Pharmacological basis for the medicinal use of psyllium husk (ispaghula) in constipation and diarrhea. Dig Dis Sci. 2011;56:1460-1471.
16. Tedelind S et al. Anti-inflammatory properties of the short-chain fatty acids acetate and propionate: a study with relevance to inflammatory bowel disease. World J Gastroenterol. 2007;13(20):2826-32.
17. Hamer HM et al. Review article: the role of butyrate on colonic function. Aliment Pharmacol Ther. 2008;27(2):104-19.
18. Pylkas AM et al. Comparison of different fibers for in vitro production of short chain fatty acids by intestinal microflora. J Med Food 2005;8:113-116.
19. Rodriguez-Cabezas ME et al. Intestinal antiinflammatory activity of dietary fiber (Plantago ovata seeds) in HLA-B27 transgenic rats. Clin Nutr. 2003;22:463-471.
20. King DE et al. Effect of a high-fiber diet vs. a fibersupplemented diet on C-reactive protein level. Arch Intern Med. 2007;167:502-506.
21. King DE et al. Effect of psyllium fiber supplementation on C-reactive protein: the trial to reduce inflammatory markers (TRIM). Ann Fam Med. 2008;6:100-106.
22. Vega-López S et al. Sex and hormonal status influence plasma lipid responses to psyllium. Am J Clin Nutr 2001;74:435–41.
23. Galisteo M et al. Plantago ovata husks-supplemented diet ameliorates metabolic alterations in obese Zucker rats through activation of AMP-activated protein kinase. Comparative study with other dietary fibers. Clin Nutr. 2010;29(2):261-7.
24. Khossousi A et al. The acute effects of psyllium on postprandial lipaemia and thermogenesis in overweight and obese men. British Journal of Nutrition 2008;99:1068-1075.
25. Togawa N et al. Gene expression analysis of the liver and skeletal muscle of psyllium-treated mice. Br J Nutr. 2013;109:383-393.
26. WHO monographs on selected medicinal plants, volume 3, 2007:268-282. http://apps.who. int/medicinedocs/documents/s14213e/s14213e. pdf
27. Gibb RD et al. Psyllium fiber improves glycemic control proportional to loss of glycemic control: a meta-analysis of data in euglycemic subjects, patients at risk of type 2 diabetes mellitus, and patients being treated for type 2 diabetes mellitus. Am J Clin Nutr 2015;102:1604-14.
28. Brum JM et al. Satiety effects of psyllium in healthy volunteers. Appetite 2016;105:27-36.
29. McRorie JW Jr. Evidence-based approach to fiber supplements and clinically meaningful health benefits, part 1: What to look for and how to recommend an effective fiber therapy. Nutr Today. 2015;50(2):82-89.
30. Sánchez D et al. Dietary fiber, gut peptides, and adipocytokines. J Med Food. 2012;15(3):223-30.
31. Karhunen LJ et al. A psyllium fiber-enriched meal strongly attenuates postprandial gastrointestinal peptide release in healthy young adults. J Nutr. 2010;140(4):737-44.
32. Hussain SS et al. The regulation of food intake by the gut-brain axis: implications for obesity. Int J Obes (Lond). 2013;37(5):625-33.
33. Galisteo M et al. A diet supplemented with husks of Plantago ovata reduces the development of endothelial dysfunction, hypertension, and obesity by affecting adiponectin and TNF-alpha in obese Zucker rats. J Nutr. 2005;135(10):2399-404.
34. Pal S et al. The effects of 12-week psyllium fibre supplementation or healthy diet on blood pressure and arterial stiffness in overweight and obese individuals. Br J Nutr. 2012;107:725-34.
35. Obata K et al. Dietary fiber, psyllium, attenuates salt-accelerated hypertension in stroke-prone spontaneously hypertensive rats. J Hypertens. 1998;16(12 Pt 2):1959-64.
36. Sahagún AM et al. Study of the protective effect on intestinal mucosa of the hydrosoluble fiber Plantago ovata husk. BMC Complement Altern Med. 2015;15:298.
37. Diemel JM et al. NHG-Standaard Obstipatie. Huisarts Wet 2010;53(9):484-98.
38. Avila JG. Pharmacologic treatment of constipation in cancer patients. Cancer Control. 2004;11(3 Suppl):10-8.
39. Plantago ovata. (Psyllium). Altern Med Rev. 2002;7(2):155-9.
40. Bliss DZ et al. Dietary fiber supplementation for fecal incontinence: a randomized clinical trial. Res Nurs Health. 2014;37(5):367-78.
41. Markland AD et al. Loperamide versus psyllium fiber for treatment of fecal incontinence: the Fecal Incontinence Prescription (Rx) Management (FIRM) randomized clinical trial. Dis Colon Rectum. 2015;58(10):983-93.
42. Murphy J et al. Testing control of radiationinduced diarrhea with a psyllium bulking agent: a pilot study. Can Oncol Nurs J. 2000;10(3):96-100.
43. Bijkerk R et al. Soluble or insoluble fibre in irritable bowel syndrome in primary care? Randomised placebo controlled trial. BMJ. 2009; 339: b3154.
44. Halmos EP et al. A diet low in FODMAPs reduces symptoms of irritable bowel syndrome. Gastroenterology 2014;146:67-75. 45. Paulo AZ et al. Low-dietary fiber intake as a risk factor for recurrent abdominal pain in children. Eur J Clin Nutr. 2006;60:823-827.
46. Alonso-Coello P et al. Laxatives for the treatment of hemorrhoids. Cochrane Database Syst Rev. 2005;(4):CD004649.
47. Loffeld RJ et al. Newly developing diverticular disease of the colon in patients undergoing repeated endoscopic evaluation. J Clin Gastroenterol. 2002;35:205-6.
48. Petruzziello L et al. Review article: uncomplicated diverticular disease of the colon. Aliment Pharmacol Ther. 2006;23(10):1379-91.
49. Fujimori S et al. High dose probiotic and prebiotic cotherapy for remission induction of active Crohn’s disease. J Gastroenterol Hepatol. 2007;22(8):1199- 204.
50. Fujimori S et al. A randomized controlled trial on the efficacy of synbiotic versus probiotic or prebiotic treatment to improve the quality of life in patients with ulcerative colitis. Nutrition. 2009;25(5):520-5.
51. Cappa C et al. Influence of Psyllium, sugar beet fibre and water on gluten-free dough properties and bread quality. Carbohydr Polym. 2013;98(2):1657- 66.
52. Fradinho P et al. Developing consumer acceptable biscuits enriched with Psyllium fibre. J Food Sci Technol. 2015;52(8):4830-4840.
53. Zandonadi RP et al. Psyllium as a substitute for gluten in bread. J Am Diet Assoc. 2009;109(10):1781-4.
54. Uehleke B et al. Cholesterol reduction using psyllium husks - do gastrointestinal adverse effects limit compliance? Results of a specific observational study. Phytomedicine. 2008;15(3):153-9.
55. Anderson JW et al. Cholesterol-lowering effects of psyllium intake adjunctive to diet therapy in men and women with hypercholesterolemia: meta-analysis of 8 controlled trials. Am J Clin Nutr. 2000;71:472-479.
56. MacMahon M et al. Ispaghula husk in the treatment of hypercholesterolaemia: a double-blind controlled study. J Cardiovasc. Risk 1998;5:167-172.
57. Brown L et al. Cholesterol-lowering effects of dietary fiber: a meta-analysis. Am J Clin Nutr. 1999;69:30-42.
58. Morán S et al. Effects of fiber administration in the prevention of gallstones in obese patients on a reducing diet. A clinical trial. Rev Gastroenterol Mex. 1997;62(4):266-72.
59. Fogelholm M et al. Dietary macronutrients and food consumption as determinants of long-term weight change in adult populations: a systematic literature review. Food Nutr Res. 2012;56.
60. Lairon D. Dietary fiber and control of body weight. Nutr Metab Cardiovasc Dis. 2007;17(1):1-5.
61. Schulz M et al. Identification of a food pattern characterized by high-fiber and low-fat food choices associated with low prospective weight change in the EPIC-Potsdam cohort. J Nutr. 2005;135(5):1183- 9.
62. Tucker LA et al. Increasing total fiber intake reduces risk of weight and fat gains in women. J Nutr. 2009;139:576-581.
63. Howarth NC et al. Dietary fiber and weight regulation. Nutr Rev. 2001;59(5):129-39.
64. Pal S et al. Effects of psyllium on metabolic syndrome risk factors. Obes Rev. 2012;13(11):1034-47.
65. Giacosa A et al. The right fiber for the right disease: an update on the psyllium seed husk and the metabolic syndrome. J Clin Gastroenterol. 2010;44 Suppl 1:S58-60.
66. de Bock M et al. Psyllium supplementation in adolescents improves fat distribution & lipid profile: a randomized, participant-blinded, placebo-controlled, crossover trial. PLoS One. 2012;7(7):e41735.
67. Hall M. Do fiber and psyllium fiber improve diabetic metabolism? Consult Pharm. 2012;27(7):513- 6.
68. Ziai SA et al. Psyllium decreased serum glucose and glycosylated hemoglobin significantly in diabetic outpatients. J Ethnopharmacol. 2005;102(2):202-7.
69. Cicero AF et al. Different effect of psyllium and guar dietary supplementation on blood pressure control in hypertensive overweight patients: a sixmonth, randomized clinical trial. Clin Exp Hypertens. 2007;29(6):383-94.
70. Cavaliere H et al. Gastrointestinal side effects of orlistat may be prevented by concomitant prescription of natural fibers (psyllium mucilloid). Int J Obes Relat Metab Disord. 2001;25(7):1095-9.
71. Burke V et al. Dietary protein and soluble fiber reduce ambulatory blood pressure in treated hypertensives. Hypertension 2001;38:821-826.
72. Moreyra AE et al. Effect of combining psyllium fiber with simvastatin in lowering cholesterol. Arch Intern Med. 2005;165:1161-1166.
73. Shrestha S et al. A combination therapy including psyllium and plant sterols lowers LDL cholesterol by modifying lipoprotein metabolism in hypercholesterolemic individuals. J Nutr. 2006;136(10):2492-7.
74. Bobrove AM. Misoprostol, diarrhea, and psyllium mucilloid. Ann Intern Med. 1990;112(5):386.
75. Bernedo N et al. Allergy to laxative compound (Plantago ovata seed) among health care professionals. J Investig Allergol Clin Immunol 2008;18(3):181-189.
76. Khalili B et al. Psyllium-associated anaphylaxis and death: a case report and review of the literature. Ann Allergy Asthma Immunol. 2003;91(6):579-84.
77. Gabrielli F et al. Psyllium fiber vs. placebo in early treatment after STARR for obstructed defecation: a randomized double-blind clinical trial. Minerva Chir. 2016;71(2):98-105.
78. Shulman RJ et al. Psyllium fiber reduces abdominal pain in children with irritable bowel syndrome in a randomized, double-blind trial. Clin Gastroenterol Hepatol. 2016 Apr 11. pii: S1542-3565(16)30021-0.
79. Agrawal AR et al. Effect of combining viscous fibre with lovastatin on serum lipids in normal human subjects. Int J Clin Pract 2007;61:1812-8.

Copyright © 2014 Stichting OrthoKennis. Alle rechten voorbehouden. Op alle teksten, afbeeldingen, foto's, figuren, tabellen en overige informatie op deze website berust het kopijrecht/auteursrecht. Niets van deze website mag zonder toestemming van stichting OrthoKennis worden overgenomen of gekopieerd. Deze informatie mag wel worden bekeken op een scherm, gedownload worden of geprint worden, mits dit geschied voor persoonlijk, informatief en niet-commercieel gebruik, mits de informatie niet gewijzigd wordt, mits de volgende copyright-tekst in elke copy aanwezig is: “Copyright © Stichting OrthoKennis”, mits copyright, handelsmerk en andere van toepassing zijnde teksten niet worden verwijderd en mits de informatie niet wordt gebruikt in een ander werk of publicatie in welk medium dan ook.